Nieuws

ASWH-trainer Rogier Veenstra: ‘Het profvoetbal is het uiteindelijke doel’

De pas 32-jarige Rogier Veenstra is de jongste trainer in de Tweede Divisie. Afgelopen zomer maakte hij de overstap van VV GOES naar ASWH, dat momenteel de voorlaatste plaats bekleedt. Daardoor neemt de passie voor het trainerschap allerminst af, want de ex-prof is idolaat van ‘het spelletje’. Een monoloog.

,,Het trainerschap is mijn passie. Naast mijn werk voor ASWH doe ik alleen aan voetbal gerelateerde zaken. Ik ben freelance-journalist voor Trainersmagazine, nadat ik voorheen dingen deed voor de regionale krant van Zeeland, PZC en NAC Breda. Verder ben ik actief bij jeugdvoetbalopleiding JVOZ. Ik ben elke dag bezig met ASWH. Op zondag ben ik vrij, maar dan ben ik toch snel weer even bezig met het appen van spelers of leden van de staf. Mijn werkweek bestaat grotendeels uit mijn werkzaamheden voor ASWH. Wat ik zoal doe? Elke week weeg- en meetgegevens invoeren, aanwezigheidslijsten invoeren, spreken met spelers en voornamelijk trainingsvormen analyseren.”

,,Ik ben redelijk vroeg gestopt met voetbal. Het zag er op jonge leeftijd allemaal goed uit. Ik mocht meedoen bij Oranje Onder 20, viel regelmatig in bij NAC Breda dat in die tijd nog goed draaide. Maar… Na een jaar op huurbasis bij Haarlem raakte ik zwaar geblesseerd aan mijn rug. Ik heb twee jaar gerevalideerd en ging me toen me afvragen: wat ik anders zou willen doen? Ik had altijd mijn mening over trainingen en trainers, maar viel daar vooral de mensen thuis mee lastig. Daar zeiden ze na verloop van tijd: “als je het zo goed weet; waarom doe je dan de cursus zelf niet”?”

,,Dat ben ik dus gaan doen. Ik deed de cursus in eerste instantie om te kijken hoe ik het zou vinden, maar toen ik trainingen begon te geven, was ik verkocht. In mijn actieve loopbaan heb ik onder anderen Robert Maaskant, Ton Lokhoff en Ruud Brood als trainers gehad, maar van de huidige trainer van Katwijk, Jan Zoutman, staat me nog het meest mij. Vooral dat hij een bijzonder prettig mens is en als trainer heeft hij me duidelijk gemaakt dat iedere speler anders moet worden benaderd. Al was ik op dat moment nog niet echt bezig met de trainingsvormen die de trainers gebruikten. Ik was nog te veel gefocust op mijn eigen loopbaan.”

Fanatiek

,,Eén ding is zeker hetzelfde als tijdens mijn actieve loopbaan: ik ben nog even fanatiek. Dat fanatisme zie ik terug bij ASWH, dus dat bevalt me uitstekend aan de club. Iedereen is bereid om keihard te werken. Mijn leeftijd is voor mezelf geen issue, want dat speelt al een jaar of zes. Het enige wat ze zich bij de club misschien afvroegen, was of ik de scherpte kon oproepen als het minder zou gaan. Maar daar ben ik te fanatiek voor. Als er bij jeugdspelers niet goed wordt getraind, dan zeg ik dat ook. Als je snel laat zien dat je kundig bent en bovendien de baas kunt zijn, speelt leeftijd al snel geen rol meer.”

,,Het is zonder twijfel mijn doel om het profvoetbal te halen. Als actief speler is dat door blessureleed niet echt gelukt. Ik heb de Eredivisie gehaald, maar er had meer ingezeten. Ik hoop dat het als trainer wel lukt. Verder vind ik het van weinig ambitie getuigen dat ik als 32-jarige trainer in de Tweede Divisie zou zeggen dat ik niet wil doorgroeien. In Zeeland wordt al snel gevraagd: waar en wanneer wil je naar de profs? Dat kun je niet plannen in de voetballerij, want ik zal ook een beetje geluk moeten hebben. Waarop ik zelf invloed heb, probeer ik in eigen handen te nemen. Dat betekent dus minstens zes dagen in de week keihard werken voor een amateurclub.”

Tekst: Tim Beck