Nieuws

Zowel binnen als buiten de lijnen niet meer weg te denken

Stephan Kruithof stond in 2015 op het punt Excelsior Maassluis te verlaten, maar sinds John de Wolf hem als interim-coach een basisplek gunde is hij niet meer weg te denken uit het basiselftal van de hoofdmacht. ‘De Wolf staat aan de basis van mij als middenvelder.’ 

De situatie van Kruithof was twee jaar geleden dusdanig uitzichtloos dat hij eigenlijk al een contract had ondertekend bij Zwaluwen, destijds een Hoofdklasser. ‘Ik speelde weinig, en ik wilde gewoon aan de bak komen. Maar toen kwam John en die liet me de negen resterende wedstrijden spelen. Van een kansloze plek in de Topklasse gingen we toen naar een veilige plaats. Aan het eind van het jaar lag er een nieuw contract voor me klaar. Voor mij persoonlijk was het wel even moeilijk. Normaal ben ik een man een man, een woord een woord. Maar Zwaluwen deed gelukkig helemaal niet moeilijk.’

Het bleek een te rechtvaardige keuze, want een jaar later stond de oud-Feyenoorder met de schaal van beste amateurclub in zijn handen. Over twee wedstrijden werd FC Lienden verslagen. Het schepte de nodige verwachtingen voor dit jaar. De club uit Maassluis deed volop mee om de tweede plaats, maar de laatste weken zit de klad erin. ‘Aan de ene kant valt het wat tegen, maar aan de andere kant ook niet. Omdat we algeheel kampioen zijn zou je verwachten dat we ook dit jaar mee zouden doen om de bovenste plaatsen.’

Motivatie
Dat gebeurt met een achtste plaats niet, maar Kruithof heeft zo zijn redenen waarom hij de plek in de middenmoot niet per se teleurstellend vindt. ‘Excelsior Maassluis zit in de financiële problemen. Dat heeft het bestuur doen besluiten om het puntengeld na 35 punten stop te zetten. Bovendien willen we met Excelsior Maassluis helemaal niet promoveren naar de Jupiler League. Als we het puntengeld wel hadden gekregen en voor het hoogst haalbare waren gegaan, hadden we zeker meer punten gehad dan nu. Eigenlijk mag je als sporter daardoor geen problemen met je motivatie krijgen, maar dat merkte ik wel in de selectie.’

Een concreet voorbeeld kan Kruithof niet zomaar opnoemen, maar hij merkt het aan alles: de trainingen, de wedstrijden en uiteindelijk het resultaat. Toch heeft Kruithof het uitstekend naar zijn zin en zal hij ook volgend jaar het tenue van Excelsior Maassluis dragen. ‘Ik ben zelfs penningmeester van de supportersvereniging. Met zes vrienden heb ik die overgenomen van de oude garde. Ik ben verantwoordelijk voor het financiële gedeelte van de supportersvereniging. Ik moet er op toezien dat aankopen op een verantwoorde manier gebeuren.’

Renesse
Kruithof heeft zijn plek gevonden, zowel voetballend als maatschappelijk. Dat na een jeugd die volledig in het teken stond van doorbreken in De Kuip. ‘Ik heb van de F’jes tot de A’tjes bij Feyenoord gezeten, dat was een prachtige tijd. Als ik terugdenk aan de toernooien die we gespeeld hebben… Ik heb heel Europa gezien, ben in Dubai en Japan geweest. Dat zijn herinneringen waardoor ik besef hoe bevoorrecht ik ben dat ik dat heb mogen meemaken. Ik heb nog weleens contact met Kevin Jansen en Stefan de Vrij. Ik heb heel mijn jeugd met hen gevoetbald en ging in de zomer zelfs met ze op vakantie. Lloret de Mar? Nee, we gingen gewoon naar Renesse. Een bezoek aan Stefan in Rome is er nog niet van gekomen, dat staat nog op de planning.’

Sowieso was de lichting van ’92 een heel goede bij Feyenoord. Kruithof speelde naast De Vrij met onder andere Luc Castaignos en Bruno Martins Indi. Waar zij een voor een doorbraken moest Kruithof weg toen hij senior werd. ‘Je bent heel je jeugd bezig met dat ene doel: De Kuip. Toen ik weg moest had ik het daar wel moeilijk mee. Dat heeft me zeker pijn gedaan. Ik heb geen haatgevoelens ontwikkeld voor de club, maar een echte supporter ben ik ook niet. Feyenoord of Ajax kampioen: dat maakt me eigenlijk niet zoveel uit. Mij ga je op de Coolsingel in ieder geval niet zien, haha.’

Nadat Kruithof weg moest bij Feyenoord, verhuisde hij naar stadsgenoot Sparta. Achteraf geen goede keuze. ‘Ik kwam in het tweede terecht, wat op zich best begrijpelijk is. Maar hoe Sparta op dat moment omging met het tweede elftal was niet leuk, ze lieten het volledig links liggen. Alles draaide om het eerste. Daardoor raakte ik het plezier in het spelletje kwijt. We speelden een keer uit bij Ajax. Ik had toevallig nog een basisplek, maar voor de rest stonden er alleen maar spelers van het eerste in. Die gasten trainden zondag mee en stonden er maandag in. Daarvoor ben je niet heel de week aan het trainen. Toen heb ik nog voor de winterstop de keuze gemaakt om voor een maatschappelijke carrière te gaan en te kiezen voor de amateurs.’